Theatercentraal

Heel erg gewoon
NUT

Trauma hysterisch en humorvol geënsceneerd

Stem ook! Theaterliefhebbers geven deze voorstelling een:
staande ovatie (4) / open doekje (0) /applaus (1) /beleefd applausje (2) / geen applaus (0) of gooien met rotte tomaten (0).

Recensie door Fleur Bokhoven
Pedofilie is allerminst een gemakkelijk onderwerp, maar NUT (Nieuw Utrechts Toneel) laat de gekte die het trauma veroorzaakt, overtuigend zien. In ‘Heel Erg Gewoon’ – een regie van Greg Nottrot – wordt een ontmoeting tussen dader en slachtoffer georganiseerd. Goed acteerwerk en een geslaagde mix van ernst en humor resulteren in een mooie voorstelling.
\"NUT\"
Het decor bestaat uit een witte eettafel met stoelen rondom en een houten keukenblok. De eenvoud en anonimiteit straalt er vanaf, om aan te geven dat hier een doorsnee, heel erg gewoon gezin woont. Terwijl de vader des huizes echte pannenkoeken bakt en een vette geur het theater vult, richt één van de dochters het woord tot het publiek. Ze wordt telkens onderbroken door haar medeacteurs die commentaar op haar tekst of dictie hebben. Het piepjonge gezelschap NUT speelt graag met ‘echt’ versus theatraliteit en benadrukt gedurende de voorstelling veelvuldig dat het ‘slechts’ theater is. Dit betekent echter niet dat het publiek niet een meeslepend verhaal gepresenteerd krijgt. De illusie dat dochters Christa en Karin met hun ouders een doodnormaal gezin vormen, wordt al gauw verstoord. Hilarisch schatergelach, hysterisch spel en neurotisch uitgevoerde handelingen doen vermoeden dat het gezin een ernstig geheim met zich meedraagt.
Christa vertelt dat zij en Karin twintig jaar geleden als kind seksueel misbruikt zijn en dat ze van plan zijn de dader op te zoeken. Het gezin wil de verschrikkelijke gebeurtenissen uit het verleden bespreekbaar maken, maar slaagt daar slechts ten dele in. Aandacht voor de pijn en het verdriet wordt continu afgewisseld met het compleet negeren ervan. Terwijl de zusters onthullen hoe ze destijds door een vriend van de familie aangerand zijn, worden ondertussen lustig trivialiteiten opgedist: de sluiting van de plaatselijke ijszaak wordt betreurd, het kapsel van Christa wordt aan een nadere inspectie onderworpen en de vader vertelt met graagte een slechte mop. Hoe meer het onderwerp vermeden wordt, des te pregnanter het drama voelbaar wordt. Hysterie voert in dit eerste deel de boventoon. Dit werkt zeer humoristisch, maar maakt tevens duidelijk hoezeer dit onverwerkte trauma een allesoverheersende schaduw over het heden werpt. De acteurs – Paul Hoes, Anke van \'t Hof, Hanna Jansen en Floor Leene – kunnen uitstekend uit de voeten met de idiotie en laten knap de onmacht en het verwrongen gedrag van de personages zien.
In de tweede helft van de voorstelling, waarin dader en slachtoffers elkaar ontmoeten, is er naast hysterie ruimte voor meer rust en komt er zelfs ontroering om de hoek kijken. Tegen de verwachtingen in geeft de dader – tegenwoordig woonachtig in een seniorenflat – zijn wandaden toe en toont berouw. Een complex web van emoties, van woede tot begrip, wordt overtuigend uitgespeeld. Deze scènes worden gefilmd door een vriendin van Christa (een rol van Nienke Weijsenfeld) en nemen aldus de vorm aan van een bekentenis. De camera lijkt tevens een verwijzing naar de documentaire ‘Awful Normal’ van Celesta Davis, waardoor Greg Nottrot zich voor zijn tekst liet inspireren. Toch blijft de keuze om alles te filmen enigszins vaag – het voegt weinig toe en bovendien doet het afbreuk aan de breekbare sfeer. Ondanks dit punt van kritiek is ‘Heel Erg Gewoon’ een mooie voorstelling waarin – door te laveren tussen hysterie, humor en ontroering – een prettige balans tussen licht en zwaar gevonden wordt.